29 mei 2008

St Barts tot en met Les Saintes


St. Barts tot en met Les Saintes

We pakken de brugopening van 11.30 uit St. Maarten, nadat we uitgeklaard hebben. We kunnen met een kleine hoogteslag met mooi zeilweer St. Barts aanlopen. We vinden een mooie plek in het centrum van de stad, keurig tussen twee moorings. We liggen heel rustig en kunnen gerust naar de wal met de rubberboot om in te klaren en het havengeld te betalen. Heel snel gaat dat allemaal en als we geen Euro's bij ons hebben, kunnen we ook de volgende dag wel betalen. We gaan de stad in om te pinnen en rekenen alsnog snel af. Wat een verschil met St. Maarten,waar we voor alles moesten betalen en steeds meer dan een uur bezig waren. Dinsdag 20 mei gaan we naar een internetcafé in Gustavia, de hoofdstad van St.Barts, om het laatste nieuws van thuis op te halen. We wandelen door de stad en gaan 's avonds heerlijk uit eten. Gustavia blijkt een luxe oord te zijn met vele merkwinkels als Dior, Louis Vuiton en vele andere merken. Ongelooflijk toch steeds weer te zien hoe elk eiland zijn eigen sfeer heeft. Hier zijn het overwegend blanke mensen, met slechts een enkele kleurling. De volgende dag gaan we naar een kleine baai in het noorden van het eiland om te zwemmen en te snorkelen. We pakken een mooring op en genieten van het strand en de rust. 's Avonds starten we de nieuwe generator. Althans dat proberen we. Nee dus. Geen beweging in te krijgen. De volgende dag nemen we kontakt op met onze leverancier in Nederland, die allerlei tips geeft om hem aan de praat te krijgen. Het lukt echter niet en we bellen naar St. Maarten naar de firma Electec, die de generator geplaatst heeft. De afspraak gemaakt, dat er zaterdag een monteur van hun naar St. Kitts komt vliegen. We varen met een mooi halfwindse rak bij 5 Bft. naar Statia, het vroegere St. Eustatius, waar we een mooring oppakken bij Oranjestad. Helaas kunnen we niet aan wal omdat er een heel zware deining staat. Door de verrekijker speuren we het eiland af en zien toch nog wel wat historische plekjes. Hans zwemt nog even in de luwte van de boot en dan gaan we een onrustige nacht in. Als je zeilt weet je dat de boot beweegt en ontstaat er een ritme. Nu aan de mooring schieten we allerlei kanten op, wat een raar gevoel is. We vertrekken danook 's morgens vroeg naar het volgende eiland, St. Kitts, waar zaterdag de monteur naar toe komt vliegen. We meren af in de marina, die ongeveer 30 ligplaatsen telt en krijgen een mooie box. Het is heel lang geleden, dat de Drammer tussen vier palen heeft gelegen. We klaren in en worden van het kastje naar de muur gestuurd. Uiteindelijk moeten we naar het politiebureau in de stad om ons bij de immigration in te laten schrijven. Gelijk de stad bezocht en we worden getroffen door de gelijkenis met Afrika. Om ons heen alleen kleurlingen en het hele leven is als in Afrika. Het voelt zeer vertrouwd aan en we zijn blij verrast door de gelijkenis. De bevolking bestaat voor 95% uit kleurlingen, die met hun tafels langs de weg met hun handelswaar heel wat leven in de stad brengen. Zaterdagochtend meert er nog een cruisschip af, dat nog meer leven met zich meebrengt. Alle stalletjes gaan open en overal wordt muziek gemaakt. Vanaf 's morgens 9.00 uur horen we dezelfde muziek en ik vraag me danook af of je met hun tippot ze ook stil kunt krijgen. 's Middags komt de monteur aanboord voor de generator. Om kort te zijn, hij krijgt hem ook niet aan de praat. Blijkt binnenin iets niet goed gemonteerd te zijn in de fabriek, of afgebroken. Hij kan niet het hele motorblok openmaken. Hij keert onverrichte zaken weer terug naar St. Maarten. Wij balen en gaan maar lekker uit eten. We worden wel beperkt in onze mogelijkheden, zo kunnen we bijvoorbeeld niet lang voor anker in een baai. Het is echter niet anders en we zien wel hoe Fisher Panda dit gaat oplossen. Het was hun idee om de generator te vervangen, dus ze lossen het ook vast wel weer op. Zondag 25 mei hebben we een tour geboekt bij een vrouw, die ons in de stad aansprak. We willen vooral naar het tropisch regenwoud en Veronica, zoals ze heet, zegt ons toe dat goed te kunnen regelen. Ze heeft het dubbel en dwars waargemaakt. Ze is met ons naar haar geboortestad gereden, en daar hebben we met haar in de haar zo vertrouwde omgeving gewandeld. Ze vertelt ons verhalen uit haar jeugd. Hoe ze het eten steeds uit het woud haalden. En vogels en apen met kattepulten uit de bomen schoten. Veel weet ze ook van het gebruik van planten en vruchten. We plukken een heleboel mango's, waar we dagen van genieten. Ze rijdt ons het hele eiland rond en zien echt heel veel. 's Morgens heeft ze ons eerst naar de handelshaven gereden om uit te kunnen klaren, doordaar kunnen we nog 's middags vertrekken naar Guadeloupe. De eerste wacht is het aardedonker. Ik moet over een plaat heen van 20 meter, wat op zich geen probleem is natuurlijk, maar wel als je daar allerlei vissersboeitjes kan verwachten. Gelukkig heb ik er geeneen geraakt maar zag ze wel heel dichtbij de boot. Vaart niet zo rustig, maar het is weer goed gegaan. Aan de lijzijde van het vulkaaneiland Montserrat langs en als ik de wacht overgeef aan Hans ruiken we beiden een duidelijke zwavelgeur van de vulkaan. We houden ruim afstand. Laatste eruptie was in 1997 en op de kaart staat nogsteeds landing prohibited. Bij het passeren komt de maan op en Hans heeft een mooie wacht met heel mooi zeilweer. Om 14.15 komen we aan bij de zuidpunt van Guadeloupe. De wind is toegenomen tot 6 Bft. en nog steeds pal op de kop. Bovendien blijkt er een behoorlijke stroom tegen te staan. Blijkt dat we Guadeloupe nooit voor donker aan kunnen lopen. Het is tegen onze principes en deze aanloop is overdag al niet eenvoudig. We besluiten uit te wijken naar de eilandengroep Les Saintes. We laten om 16.15 het anker zakken in een heel mooie baai. We zwemmen in water van 29,80 graad, en gaan vroeg naar bed. Hans besluit in de kajuit te gaan slapen om snel het ankeralarm te kunnen horen. Het is er namelijk erg druk omdat er zeilwedstrijden zijn. Alles gaat goed en we vertrekken 's morgens om 8.00 uur naar Guadeloupe. Het is een prachtig zeiltraject, eerst hoog aan de wind maar daarna met een knikje in de schoot. De aanloop blijkt inderdaad niet echt eenvoudig en we zijn blij dat we het niet in het donker geprobeerd hebben. Helemaal niet als we ook nog achter een vissersboeitje blijven haken. Gelukkig varen we alleen op zeil en staat de motor niet aan. We overleggen wat te doen en dat suffe bolletje blijft ons maar achtervolgen. Eén ding is duidelijk geen motor bij, hoe dan vrij te varen. Rustig overleggen we nog een keer, en dat was één keer teveel voor het boeitje. Het blijken er twee te zijn en ze houden het alletwee voor gezien. Hele opluchting voor ons en we bedanken ze vriendelijk voor hun vertrek. Aanloop Pointe à Pitre op Guadeluope verloopt verder goed en we worden vriendelijk ontvangen door de havenmeester en krijgen een mooie plek. Het blijkt een feestdag te zijn en inklaren kunnen we morgen wel. Ieder eiland zijn eigen stijl, maar dit is wel fijn.

20 mei 2008

Vertrek British Virgin Islands

Vrijdagavond 9 mei komt Hans weer aan boord vanuit Nederland. Hij neemt een nieuwe dynamo mee. David van Cay Electronics is bereid ons verder te helpen om hem in te bouwen ook al is het weekend. Bij nameten blijkt de dynamo echter niet te passen. David naar de zaak terug om te kijken wat hij kan doen. Er blijkt nog een dynamo klaar te staan om ingebouwd te worden in een catamaran maar de eigenaar zit nog in Florida. David besluit dat wij hem meer nodig hebben en neemt hem voor ons mee. Een nieuwe bestellen duurt voor ons te lang maar voor de catamaran is nog tijd. Ons visum loopt over 5 dagen af en dan moeten we uit de BVI zijn. 's Avonds om zeven uur is alles ingebouwd en we drinken met David een borrel op de goede afloop. De zondag gebruiken we om alle rommel op te ruimen, te zwemmen en de Drammer weer zeilklaar te maken. Maandag tanken we brandstof en vertekken naar Sopers Hole om daar dinsdag uit te klaren. Hans schraapt de romp nog af, want de aangroei is heel erg. Er zijn in een week tijd slierten aan de boot gegroeid van een centimeter of veertig. Het is zwaar werk en bovendien stroomt het nogal. 's Avonds heerlijk gegeten en de volgende ochtend heel snel uitgeklaard. Met spijt verlaten we na dertig dagen de British Virgin Islands, het is een heel mooi gebied met mooi natuurschoon en rustig vaarwater. We vertrekken naar St. Maarten om een nieuwe generator in te laten bouwen. De afspraken zijn gemaakt en de nieuwe generator is aangekomen. We hebben een heel mooie oversteek met rustig weer maar de wind volledig op de kop, zodat het grotendeels motorzeilen is. We proberen even of we genoeg snelheid halen op zeil. We komen echter niet verder dan 2,9 knoop. Tijdens mijn wacht heb ik volle maan, dus echt donker wordt het niet. Wel heel veel scheepverkeer, met voor mij nogal onbekende verlichting. Ik heb het danook behoorlijk druk en de wacht is zo voorbij. Hans neemt het over. Beiden maken we zo onderhand redelijk nachtrusten als we geen wacht hebben. Het vertrouwen op elkaar is gegroeid, het ritme zit erin en we weten dat de ander aangelijnd is. We proberen lange tijd de brugopening van 11.30 uur te halen bij St. Maarten. Als we 's morgen om 9 uur zien dat we dat niet meer halen, besluiten we lekker te gaan zeilen en het laatste stuk dan maar op te kruisen. Om 14.00 uur laten we het anker zakken in de baai voor de brug. In één keer liggen we als een huis, zetten het ankeralarm erop en gaan lekker zwemmen. Om 17.30 kunnen we door de brug en meren weer af in Simpson Bay Marina. De volgende ochtend om 8.30 komen Anan en Steven van de firma Electec aan boord om de generator te vervangen. Ze leveren goed werk af en na anderhalve dag zit de nieuwe generator erin en draait prima. 's Middags havenproject van Ballast Nedam bezocht op St. Maarten en boodschappen gedaan bij een heel grote supermarkt. De volgende dag heeft Hans de airco gerepareerd, hebben we andere onderdelen voor de boot aangeschaft en een ferry besproken naar Saba. Met de boot is dat bijna niet te doen. Je kunt er moeilijk ankeren en heel moeilijk aan land komen. Bovendien loopt het seizoen af en je kunt er niet alleen gaan liggen. Prima oplossing dus om het met de ferry te doen. Saba is een mooi onbedorven eiland met maar 1500 inwoners. Die heel vriendelijk en gastvrij zijn. We rijden rond met een taxi en zien in drie uur tijd het hele eiland. Lunchen doen we heel snel en we besluiten de laatste twee uur op het eiland te gebruiken om te hiken. Wel zwaar maar zeker de moeite waard, we klimmen 250 meter hoger dan we zijn en eindigen op 650 meter. De top kunnen we niet halen, die ligt op ruim 800 meter in de wolken. De Mount Scenery, die we nu beklimmen is de hoogste berg van het Koninkrijk der Nederlanden. Wel halen we ruim de grens van het tropisch regenwoud, zien de hagedissen met de gele buik, die alleen op Saba voorkomen. Er vliegen prachtige vogels rond met heel mooie kleuren. Op de terugweg naar de ferry zien we nog de Iguana, een prehistorisch dier om te zien. De volgende dag maandag 19 mei willen we weer doorvaren naar St. Barth.

8 mei 2008

British Virgin Islands.

Woensdag 23 april verlaten we de haven en gaan op zoek naar een andere nederlandse boot uit Scheveningen en die we nog kennen van de examens die we gedaan hebben. Via de mail hebben ze ons de ligplaats gemeld. Na enig zoeken vinden we ze en we pakken een mooring vlakbij. Raar in Scheveningen zijn het onze achterburen en hier liggen we dan weer naast elkaar terwijl de schildpadden tussen onze boten door zwemmen. Het is heel gezellig elkaar weer te spreken en 's avonds gaan we met de rubberboot bij hun op bezoek. We horen de verhalen die we nog niet via de mail wisten en krijgen tips voor onze tocht langs de caribische eilanden terug naar het zuiden. Donderdag varen we naar Trellisbay, we komen net op tijd aan om een van de laatste moorings te pakken. Na ons moeten meerdere een andere plek voor de nacht opzoeken. We eten verrassend goed in een restaurant op een klein eiland in de baai. In donker terug naar de Drammer nadat we gezocht hadden tussen alle rubberboten naar ons eigen bootje. Proberen stukje af te snijden en lopen vast op het koraal. Snel motor opgehaald (scheelt 20 cm.) en verder gepeddeld. Vrijdag komen Cathelijne en haar vriendinnen aan en we halen ze af met de rubberboot. Met de bagage lijkt het ons beter dat we in twee keer overgaan. Als ik bij de tweede zending aan boord kom, liggen de anderen al in het water. De volgende dag varen we met mooi zeilweer naar het eiland Jost van Dyke, om het hun te laten zien. Het is zaterdag en van de tien winkels op het eiland zijn er maar vier open, waarvan er 1 al geen water meer te krijgen is. We gaan terug naar de boot en Hans vaart met de meisjes naar een mooie snorkelplek. Ze genieten al schrikken ze wel van de vele grote vissen. Als we 's avonds een borrel drinken ziet Hans ineens de eerste haaien om de boot zwemmen. Geloof me het snorkelen is daarna nooit meer hetzelfde geworden, al sterven er op het eiland meer mensen van vallende kokosnoten dan door haaienbeten. Na Jost van Dyke naar Sopers Hole waar we ´s avonds heerlijk uit eten gaan. Maandag gaan we op weg naar Gorda Sound, maar halverwege krijgen we een tropische regen bui over ons heen en het zicht is heel slecht en we besluiten Nanny Cay aan te lopen. De volgende dag kruisen we met mooi zeilweer op naar Gorda Sound, waar we afmeren bij een mooring bij Bitter End. We blijven daar twee dagen en zeilen in een catamaran. Bij donker terug varen van het restaurant, varen de anderen nog even langs een hele grote motorboot, die verlichting in het water heeft. Wij vragen ons al een tijd af of dat alleen voor de sier is, maar als je er dichterbij komt snap je echt waarom ze dat doen. Er zwemmen vissen rond van twee meter, blijken Tarpins te zijn. Het snorkelen wordt steeds enger. We proberen nog even met een sterke lamp in het water te schijnen en in een paar tellen zien we honderden vissen zwemmen. Leuk vermaak voor bij de borrel. De volgende dag varen we naar de Bath, waar we nog een mooring kunnen oppakken. Dit is een geweldige plek om te snorkelen en te wandelen. Er liggen heel grote stenen, waar je tussen door loopt en klimt naar een andere baai. De kleuren en de lichtval tussen de stenen is werkelijk sprookjesachtig. Voor de avond valt pakken we een mooring waar meer boten liggen. De accu´s blijken niet opgeladen te zijn en zetten ´s nachts een noodlampje buiten. Varen de volgen de dag naar Nanny Cay om alles in orde te laten maken.

22 apr 2008

Aankomst British Virgin Islands.

's Morgens om 8.30 varen we de noordpunt van de eilandengroep aan. Gelukkig is het dan goed licht, want er liggen ontzettend veel visnetten. In principe varen we 's nachts geen nieuw gebied binnen en hier was het helemaal goed om het niet te doen. Achter de eilanden is het water een stuk rustiger en het is voor het eerst sinds maanden, dat de Drammer in rustig vaarwater is. Heerlijk om een lekkere snelheid te lopen terwijl de boot redelijk stil blijft. Om 10.00 uur kunnen we een mooring oppakken bij Virgin Corda. We gaan eerst zwemmen en daarna inklaren bij de douane. We kopen een vergunning om 1 maand in het gebied rond te mogen varen. 's Avonds krijgen we bezoek van een zweedse jongen en zijn spaanse vriendin, die we nu al voor de zoveelste keer tegen komen vanaf Lanzaroote. Ze varen rond in een boot van 6 meter en werken onderweg. Zo hebben ze in Lanzaroote op de Drammer gepast. Geweldig leuk om ze beter te leren kennen. De volgende dag zeilen we naar Sopers Hole een mooie inham tussen de eilanden groep. We liggen er heel rustig en er zijn veel leuke winkels en een goed restaurant. Heerlijk gegeten en rustig geslapen. Doorgevaren naar het eiland Jost van Dyke, waar we voor anker gaan. Ons anker houdt niet na een tijdje en we drijven weg. Opnieuw proberen en dan blijkt dat geen van onze meters het meer doet. Heel onhandig, vooral bij ankeren omdat we geen diepte hebben en niet nauwkeurig kunnen zien waar de wind vandaan komt. We liggen snel weer goed
en brengen de nacht door op anker. Wel een belevenis om op het eiland te lopen en te weten dat daar Nederlandse piraten in 1628 het eiland ingenomen hebben. En in de 16de en 17de eeuw waren het vooral nederlandse planters die er woonden. Nu wonen er nog 200 mensen en het eiland is nog redelijk puur. Er is maar een weg en er zijn in totaal twintig auto's op het eiland. Zaterdag varen we naar Tortola, waar we in de hoofdstad Roadtown onze meters hopen te laten maken. Er komt een elektricien van de haven, die erg duur is een heel slecht werk aflevert. Uiteindelijk kappen we het af en zeggen we dat we eerst met de werf willen overleggen. Gelukkig komen we aan het eind van de dag in contact met een bedrijf dat het merk vertegenwoordigt. Ze beloven dinsdag langs te komen. Zondag gaan we met een vliegtuigje naar het eiland Anegada. We willen het graag bezoeken en omdat we vandaag niet kunnen varen en onze vrienden er nog zijn is dit een prima uitstap. De piloot komt ons halen van de terminal en we vliegen met zijn vieren redelijk laag naar het eiland. Onderweg zie ik een walvis, maar het ging te snel om de anderen te waarschuwen. Als ik het de piloot vertel is deze enthousiast omdat hij ze zelf nog nooit had gezien. We snorkelen en genieten van een heerlijke lunch met kreeft. Hoe goed kan het leven zijn. Als we terug vliegen is de piloot bereid om nog lager te vliegen dan normaal. Hij wil ons de walvissen (het blijken er twee te zijn)goed laten zien. Als we ze naderen maakt hij er nog een rondje boven. Geweldig wat een belevenis, de dag kan niet meer stuk. 's Avonds lekker aan de haven gegeten en de volgende ochtend onze vrienden uitgezwaaid. Hans kijkt de bedrading nog eens na een haalt gelijk al drie dingen naar boven die onze elektrcien niet weer vast had gezet, of verkeerd verbonden. Geleerd niet zomaar de eerste de beste in goed vertrouwen aan de boot te laten sleutelen. De boot schoongemaakt, de was weggebracht en gezwommen. Met de taxi naar een andere haven waar ik een week wil blijven als Hans naar Nederland terug gaat. Dinsdagmorgen komt de elektricien en na twee uur heeft hij het draadje gevonden dat los zat. Wat een verschil met zaterdag, deze man wist tenminste waar hij mee bezig was.
Aankomst British Virgin Islands.

Verblijf St. Maarten

Op St. Maarten hebben we de boot klaar gemaakt om haar achter te laten voor een week. Er staat erg veel wind en we moeten een anker uitbrengen om goed in de box te blijven liggen. Zelfs de brug over het kanaal kan niet meer bediend worden. Gelukkig zijn we net op tijd binnen. De boten die nog buiten liggen hebben het behoorlijk zwaar. We gaan terug naar Nederland om het afscheid van Hans te gaan vieren in Nederland. Het afscheid is groots en we genieten er beiden heel erg van. Iedereen bedankt voor alles. Vrijdag 11 april vliegen we weer terug naar st.Maarten. Het weer is een stuk rustiger en de boot ligt er nog goed bij. Alles weer klaar maken en we proberen de wasmachine te maken. We zijn er twee dagen druk mee en het lukt niet. Blijkt dat er nieuwe chips in moeten. Ja dan houdt het natuurlijk even op. Via de werf bestellen we de nieuwe onderdelen. Hans zal deze dan in mei weer meenemen. Op maandag komen vrienden aan en met hen vertrekken we dinsdag om 17.00 uur naar de British Virgin eilanden. We willen 's nachts varen om overdag aan te komen. Het is een mooie tocht met helder weer een een enkel spatje regen.

30 mrt 2008

Aankomst St.Lucia.

Zaterdag 9.00 uur: we vliegen van Martinique naar St Lucia. We hebben een taxi besproken om ons snel naar de Boat Yard te brengen, de chauffeur kennen we nog van onze vorige tochten over het eiland. Zijn naam is Patrick, en bij navraag blijken er ineens een heleboel taxichauffeurs zo te heten. Gelukkig kwam die van ons net aanrijden,zodat we snel naar de Drammer kunnen. Om 11.00 uur komen we bij de boot aan die al in de portaalkraan hangt om in het water gelaten te worden. Onze bagage wordt keurig aan boord gebracht en een half uur later, nadat we de financiële afwikkeling gedaan hebben liggen we in het water. Vakmensen daar, ze weten echt waar ze mee bezig zijn. Groot probleem blijkt echter een ligplaats te krijgen, ze zijn Rodney Bay Marina aan het restaureren en hoewel we al een maand geleden om een ligplaats gevraagd hadden, blijkt er geen te zijn. Rickey van de boatyard regelt voor ons dat we op een plek aan de andere kant van de steiger kunnen liggen. Hiervoor moeten drie boten van lokale mensen verlegd worden, maar iedereen is erg behulpzaam. De plek is echter niet riant, en we durven de Drammer niet alleen te laten. We zijn bang voor schade als er golven komen. Hans blaast de rubberboot op en gaat naar de marina om te melden dat we er zijn in verband met het maken van de voorstag. Hij meert af en ziet een plek vrijkomen, die hij gelijk aan de havenmeester vraagt. Om 15.00 uur liggen we alsnog in de marina, wat een geluk. Eerst melden we ons bij de douane, om de import van de Drammer in St. Lucia op te heffen. Dit moesten we doen om haar achter te kunnen laten. Zwemmen en eten op de wal, lekker vroeg naar bed.
Zondag eerste paasdag, zijn we eigenlijk een beetje vergeten en hebben geen eitje bij het ontbijt. We gaan met de rubberboor naar de Fulmaris, waar we gezellig koffie drinken en die ons verwennen met heerlijk chocoladegebak. Ik knip nog even de blonde lokken van hun zoontje van twee jaar. Ze hadden nogal wat nare ervaringen gehad met de vorige knipbeurt en waren er dankbaar voor. Terug met de rubberboot naar de haven, want de Fulmaris lag voor anker in de baai. Net als we bij de haveningang komen is de benzine op van de buitenboortmotor. Ik kan nog net de paal van het havenlicht pakken en Hans vult de tank bij. Invaren in de haven van Rodney Bay gaat bij ons niet altijd even makkelijk. We komen weer bij de Drammer en beginnen alle spullen weer op normale plaatsen te leggen, veel lag ergens anders in verband met de oversteek.
Maandag begint vroeg om 8.00 uur staan de eerste mensen op het dek om de Furlex te repareren. Ik zie daar erg tegenop omdat we dan een tijd zonder voorstag zullen zitten. Al na een kwartier is alle ongerustheid weg, deze mensen weten wat ze moeten doen en hoe. Twee vallen worden snoeistrak op de kikkers gezet en ze beginnen bovenin om de stag te demonteren. Na een uur ligt alles op de steiger en kan het vervangen van de onderdelen beginnen. De voorstag zelf is gelukkig niet beschadigd, wel blijkt het een klus van een dag te zijn om alles op de goede plek te krijgen. Dinsdag zetten we weer de genua aan de voorstag en slaan het kotterzeil aan. Langzamerhand wordt de Drammer weer zeilklaar. s'Middags gaan we nog even zwemmen met de rubberboot op het strand waar we ongewild een mooie vertoning geven aan de mensen op het strand omdat de branding toch wat sterker is dan we denken. Alles gaat goed, aankomen en vertrekken van het strand met branding moeten we nog maar eens op een stille plek oefenen. De timing is erg belangrijk evenals de taakverdeling. We komen er nog wel een keer achter. Nu houden we het in ieder geval net droog allemaal. De volgende dag vertrekken we om 10.15 uit Rodney Bay richting Guadeloupe. Na 1 uur worden we verrast door een hele grote groep dolfijnen. De wind is hard en we varen op gereefd voorzeil. De snelheid is regelmatig 8,5 knoop. Hans pakt de stukken tussen de eilanden en ik de stukken achter de eilanden. Prima verdeling vind ik. Achter de eilanden wordt de wind wel minder maar is ook erg wisselvallig door de hoge bergen. Om 24.00 uur zijn we halverwege en om 5.30 's morgens komen we bij de zuidpunt van Guadeloupe aan. We hadden gezien dat daar een haven was. Bij nalezen in een nieuwere gids bleek deze door orkaan Lenny in 1999 echter beschadigd, waardoor er plekken bleken te zijn met minder dan twee meter diepgang. Laat maar, door naar Antigua. Voel me net een Japanner, die overal foto's maakt en langs alle mooie plekken racet. Om 9.00 uur beginnen we aan de oversteek van 40 mijl met een wind van 5 tot 6 Bft. We gaan oost van Montsarrat langs, wat ook aangeraden wordt omdat dat een vulkaaneiland is dat nog erg aktief is. Aan de oostkant wordt aangeraden 4 mijl afstand te houden en aan de westkant 15 mijl in verband met asregens. Veel jachten hebben schade opgelopen aan hun zeilen. Met een gemiddelde van 7,5 knoop komen we bij Antigua aan. We varen voor het eerst tussen koraalriffen door en moeten heel nauwkeurig navigeren. Bij 10 meter diepgang zien we de bodem heel lichtblauw, prachtig om te zien. We moeten er wel even aan wennen. In de haven, Jolly Harbour, worden we keurig opgevangen door de havenmeester, die ons een goede plek aanwijst, en helpt met afmeren. Prachtige haven met zwembad en goede faciliteiten. De zaterdag huren we een auto en rijden over het eiland naar de hoofdstad en de bekende ankerplekken Falmouth en English Harbour. Vooral de laatste haven en baai vind ik prachtig. Minder grote super jachten en minder decadent. Weten dus waar we volgende keer afmeren. Vanmiddag vertrekken we naar St. Maarten om morgenochtend met daglicht aan te komen.

20 mrt 2008

//we gaan weer terug naar St. Lucia.

Nadat we aangekomen waren op Martinique zijn we nog een week op het eiland gebleven en hebben we genoten van elkaar, van het strand en van de prachige natuur op het eiland. Na die week heeft Marnix ons verlaten en is teruggevlogen naar Kenia. Wat met al die gebeurtenissen daar nog een spannende tijd heeft opgeleverd. Na de eerste week zijn we met Radboud, Stefanie en Cleo naar St. Lucia gevaren. Dat bleek nog een behoorlijk zwaar tochtje te worden met 6 tot 7 Baeufort schuin op de kop. Bij sommigen waren de magen daar niet tegen bestand, wat natuurlijk altijd vervelend blijft. Toen we de baai invoeren startte de motor weer eens niet. Geen probleem anker uit dachten we maar dat bleek maar niet te pakken. Terwijl er in de baai wel 40 jachten lagen bleven wij maar niet op onze plek, en dreven we steeds verder de baai uit. Toen hebben we maar hulp gevraagd bij de havenmeester, die ons de watertaxi stuurde. Bij het ophalen van het anker bleek dat we deze precies op een oude kreeftenkorf hadden gegooid. Dus dat hij niet pakte was logisch. Deze mensen wisten goed wat ze deden en ze sleepten ons keurig de haven in en zorgden ervoor dat we netjes in de box afmeerde. We zijn nog een week op het eiland gebleven en hebben rondgereden en de boot klaar gemaakt om achter te laten. De Drammer hebben we op het droge gezet. Op St. Lucia was dat beter mogelijk dan op Martinique. De Drammer is netjes weggezet, en ze beloofden elke week de accu's bij te laden. Morgen, 21 maart vliegen we weer terug om weer verder te gaan. Eerst nog wat klussen aan de boot en dan naar st. Maarten.